Veilige nieuwe voortplantingstechnieken. Deelnemers gevraagd voor Focusgroeponderzoek

Bent u voor het krijgen van kinderen afhankelijk van medische hulp? Dan wilt u misschien meedoen aan een onderzoek van de Universiteit Maastricht naar opvattingen over hoe veilig nieuwe voortplantingstechnieken moeten zijn.

Korte uitleg:

Wetenschappers werken aan de ontwikkeling van nieuwe of verbeterde voortplantingstechnieken. Een mogelijke toekomstige techniek is voortplanting met uit huidcellen gekweekte zaad- of eicellen. Wij willen weten hoe dergelijke technieken verantwoord in de praktijk kunnen worden geïntroduceerd. Daarbij is van groot belang wat mensen die voor het krijgen van kinderen op medische hulp zijn aangewezen, daar zelf van vinden.

Hoe kijken zij aan tegen mogelijke risico’s van nieuwe voorplantingstechnieken voor het nageslacht? Hoe veilig moeten medische voortplantingstechnieken eigenlijk zijn? Net zo veilig als natuurlijke voortplanting? Of mogen de risico’s iets groter zijn als dat de enige manier is om mensen aan een kind te helpen? We willen ook weten wat zij vinden van het testen van de veiligheid van nieuwe voortplantingstechnieken in dieronderzoek of met menselijke embryo’s.

Methode:

Het onderzoek vindt plaats door middel van focusgroepen. Dit zijn bijeenkomsten van circa 10 personen waarin gesproken en gediscussieerd gaat worden over de eerder genoemde vragen. Bedoeling is zoveel mogelijk opvattingen, overwegingen, gedachten enz. van de deelnemers over het thema te horen te krijgen. Een focusgroepbijeenkomst duurt 2,5 uur. Wij zoeken mensen die nog niet eerder aan een focusgroep over dit onderwerp hebben deelgenomen.

Plaats: Beatrixgebouw Jaarbeurs, Utrecht.
Wanneer: Donderdag 14 juni (19.00-21.30)

Deelnemen? Mail vóór donderdag 14 mei naar v.jans@maastrichtuniversity.nl.
Vergoeding: bon van 25 euro als dank voor deelname, plus vergoeding van reiskosten (OV 2e klas of 0,19 per km – dat is inclusief parkeerkosten).

Achtergrond:

Kinderen die via ‘kunstmatige voortplantingstechnieken’ zoals in vitro fertilisatie (IVF) of intracytoplasmatische spermainjectie (ICSI) zijn verwekt, zijn over het algemeen net zo gezond als langs natuurlijke weg verwekte kinderen. Dat is belangrijk om te weten voor paren die vanwege een vruchtbaarheidsprobleem of om een andere reden zijn aangewezen op dergelijke techneken. Die geruststellende boodschap kan gegeven worden omdat er inmiddels wel 5 miljoen kinderen via IVF of ICSI geboren zijn en er ook behoorlijk veel onderzoek is gedaan naar hun gezondheid.

Maar in beginjaren van IVF was die kennis er nog niet. Toen veertig jaar geleden de eerste IVF behandelingen werden gedaan, moesten paren en hulpverleners maar hopen dat het allemaal goed zou gaan. Je zou misschien denken dat de eerste toepassingen bij mensen pas gedaan zijn na uitvoerig dieronderzoek naar de effectiviteit en veiligheid van die technieken. Of dat de eerste menselijke embryos die in het laboratorum tot stand gebracht werden, uitvoerig op mogelijke afwijkingen zijn getest. Maar dat is niet zo. IVF en ICSI zijn min of meer ‘op de gok’ in de medische praktijk geïntroduceerd. Gelukkig is dat goed gegaan, maar de vraag is of we bij nieuwe technieken niet zorgvuldiger moeten zijn.

Dit onderzoek wordt uitgevoerd bij de afdeling Health, Ethics & Society van de Universiteit Maastricht. Het maakt deel uit van een Vlaams-Nederlands onderzoeksproject Science and Ethics of stem-cell derived Gametes (SEGa) dat wordt gefinancierd door het Vlaamse IWT (Instituut voor Innovatie door Wetenschap en Technologie). Onderzoekster is Verna Jans, begeleiders prof dr Guido de Wert en dr Wybo Dondorp. Het onderzoek vindt plaats met toestemming van de Medisch Ethische Commissie van het MUMC+ in Maastricht.

Informatie: v.jans@maastrichtuniversity.nl

Geef een reactie