Auteurs: Bernice Hoenderboom & Zoïe Alexiou, onderzoekers bij het RIVM en Universiteit Maastricht
Dit artikel is afgeleid van een artikel uit het Seksoa magazine, het online tijdschrift voor professionals over soa’s en seksuele gezondheid.
In het kort
Onvruchtbaarheid door eileiderschade komt vaker voor bij vrouwen met een doorgemaakte chlamydia-infectie dan bij vrouwen die nooit een chlamydia-infectie hebben doorgemaakt. Ook de tijd tot zwangerschap is iets langer, al worden in totaal evenveel vrouwen zwanger, met en zonder doorgemaakte chlamydia-infectie. Dit blijkt uit de tussentijdse resultaten van de Nederlandse Chlamydia Cohort Studie (NECCST).
Inleiding
Chlamydia trachomatis (chlamydia) infecties bij vrouwen kunnen leiden onvruchtbaarheid door eileiderschade. Maar hoe vaak komen deze complicaties voor bij vrouwen na een chlamydia-infectie? En wat zijn de risicofactoren voor het ontwikkelen van onvruchtbaarheid na een chlamydia-infectie? Deze vragen staan centraal in het langlopende onderzoek de Nederlandse Chlamydia Cohort Studie. In dit artikel worden de belangrijkste tussentijdse resultaten samengevat.
Tussentijdse resultaten
Sinds 2015 hebben in totaal 5700 vrouwen meegedaan aan minimaal 1 ronde van NECCST en van deze vrouwen heeft 30% ooit een chlamydia-infectie doorgemaakt. Doorgemaakte chlamydia-infecties waren gebaseerd op positieve chlamydiatesten in een eerdere chlamydia screening, zelfgerapporteerde positieve chlamydia testuitslagen en/of op de aanwezigheid van chlamydia-antistoffen in het bloed(1). Hoewel 30% een hoog percentage lijkt, is het vergelijkbaar met een studie in Engeland waar onder deelnemers van de National Health Survey (16-44 jaar), een chlamydia seroprevalentie van 24% was gevonden in bloedmonsters, oplopend tot 34% bij vrouwen in de leeftijd van 30–34 jaar (2).
Onvruchtbaarheid door eileiderschade komt weinig voor
Onvruchtbaarheid door eileiderschade werd slechts door 1% van alle vrouwen gerapporteerd. Dit percentage is hoger onder vrouwen die ooit een chlamydia-infectie hebben doorgemaakt (1,5%) ten opzichte van vrouwen die nooit een infectie hebben doorgemaakt (0,5%). Rekening houdend met de leeftijd van vrouwen bleek het risico op onvruchtbaarheid door eileiderschade ongeveer 4 keer hoger bij vrouwen die een chlamydia-infectie hebben doorgemaakt dan bij vrouwen die geen chlamydia-infectie hebben doorgemaakt (3). Bovendien draagt het hebben doorgemaakt van een chlamydia-infectie op jonge leeftijd (jonger dan 20 jaar tegenover ouder dan 24 jaar) bij tot een verhoogd risico op het ontwikkelen van onvruchtbaarheid door eileiderschade (3).
Verlengde duur tot (mogelijke) zwangerschap na chlamydia
Het percentage vrouwen dat ooit zwanger is geweest is niet lager onder chlamydia positieve vrouwen dan onder chlamydia negatieve vrouwen, beide 50% in het onderzoek(1). Van alle vrouwen die ooit zwanger zijn geweest, heeft ruim 2% een buitenbaarmoederlijke zwangerschap doorgemaakt. Hierbij werd geen verschil gezien tussen vrouwen met en zonder doorgemaakte chlamydia-infectie(3). Opvallend was wel dat bij vrouwen met een geplande zwangerschap, chlamydia positieve vrouwen een iets langere tijd tot (mogelijke) zwangerschap hadden dan chlamydia negatieve vrouwen (1). Chlamydia positieve vrouwen hadden een mediane tijd tot zwangerschap van 4 maanden (IQR 2 tot 9 maanden) en chlamydia negatieve vrouwen van 3 maanden (IQR 1 tot 8 maanden).
Vervolg: what’s NECCST?
De laatste dataverzamelingsronde is dit jaar afgerond. In deze ronde kijken we naast het risico van een chlamydia-infectie op complicaties en tijd tot zwangerschap, ook naar de relatie tussen chlamydia-infecties en zwangerschapsuitkomsten, zoals miskramen, vroeggeboortes en doodgeboren kindjes. Verder ligt de focus op het identificeren van risicofactoren voor het ontwikkelen van onvruchtbaarheid na een chlamydia-infectie. We maken daarbij onder andere gebruik van genetische markers, bepaald in het menselijke DNA.
Referenties
- Hoenderboom BM, van Bergen J, Dukers-Muijrers N, Gotz HM, Hoebe C, de Vries HJC, et al. Pregnancies and Time to Pregnancy in Women With and Without a Previous Chlamydia trachomatis Infection. Sex Transm Dis. 2020;47(11):739-47.
- Woodhall SC, Wills GS, Horner PJ, Craig R, Mindell JS, Murphy G, et al. Chlamydia trachomatis Pgp3 Antibody Population Seroprevalence before and during an Era of Widespread Opportunistic Chlamydia Screening in England (1994-2012). PLoS One. 2017;12(1):e0152810.
- Hoenderboom BM, van Benthem BHB, van Bergen J, Dukers-Muijrers N, Gotz HM, Hoebe C, et al. Relation between Chlamydia trachomatis infection and pelvic inflammatory disease, ectopic pregnancy and tubal factor infertility in a Dutch cohort of women previously tested for chlamydia in a chlamydia screening trial. Sex Transm Infect. 2019;95(4):300-6.
- van Bergen J, Hoenderboom BM, David S, Deug F, Heijne JCM, van Aar F, et al. Where to go to in chlamydia control? From infection control towards infectious disease control. Sex Transm Infect. 2021.


