Cyclusproblemen

De menstruatiecyclus duurt van de eerste dag van de bloeding tot de volgende eerste dag van een bloeding. Een regelmatige cyclus duurt niet korter dan 21 en niet langer dan 42 dagen. Als je een regelmatige cyclus hebt, vindt er meestal wel een eisprong plaats. Zeker als de cyclusduur tussen de 26 en 36 dagen ligt kun je daarvan uitgaan. Bij een onregelmatige of uitblijvende cyclus, kan het door het ontbreken van een eisprong moeilijker zijn om zwanger te worden.

Uitblijvende menstruatie

Als je menstruatie wegblijft en je weet dat je niet zwanger kunt zijn, maak je je misschien zorgen. Heb je normaal gesproken een regelmatige cyclus en blijft opeens de menstruatie uit, dan hoeft dat niet altijd een probleem te zijn. Soms gebeurt het dat je lichaam wat uit balans is, bijvoorbeeld door stress. Maar als het langer dan een paar weken duurt dan is het goed om naar de huisarts te gaan. Er kan dan onderzoek gedaan worden naar de oorzaak en soms kan een middel gegeven worden om voor een onttrekkingsbloeding te zorgen.

Als de tijd tussen je menstruaties meer dan 6 maanden is, heet dat amenorroe. In de regel is er dan geen sprake van een eisprong (anovulatie). Als je nog nooit een menstruatie hebt gehad, wordt dit primaire amenorroe genoemd. Heb je nog nooit gemenstrueerd en ben je boven de 16 jaar, ga dan naar de huisarts.

Onregelmatige cyclus

Als de tijd tussen je menstruaties in de regel langer dan 35 dagen en minder dan 6 maanden duurt, heet dat oligomenorroe. De tijd tussen de menstruaties kan daarbij variëren. Bij lichte vormen van oligomenorroe vinden soms wel eisprongen plaats. Maar doordat er geen regelmaat in zit, is het moeilijk te bepalen wanneer de eisprong plaatsvindt.

Als je cyclus erg kort is, regelmatig korter dan 21 dagen, heet dat polymenorroe. Let op dat je voor het tellen van het aantal dagen van je cyclus ook de dagen van de menstruatie meetelt. Vaak zal in deze cycli de eisprong niet of te vroeg optreden.

Te korte luteale fase

De periode tussen de eisprong en de volgende menstruatie wordt luteale fase genoemd. In de luteale fase sluit de opengebarsten follikel in de eierstok zich en vormt het ‘gele lichaam’ (corpus luteum). Het gele lichaam maakt progesteron aan. Dit moet het baarmoederslijmvlies voorbereiden op een innesteling van een embryo. Als de eicel niet bevrucht is verdwijnt het gele lichaam en komt de menstruatie op gang. Als dit proces niet goed verloopt kan zwanger worden een probleem zijn. Hoe dat precies werkt is nog onduidelijk. Vaak zal de oorzaak liggen bij een gestoorde follikelgroei of als gevolg van medicijnen voor een vruchtbaarheidsbehandeling. Door extra progesteron kan een te korte luteale fase verlengd worden. Uit onderzoek is nog nooit een toegevoegde waarde op de zwangerschapskans gebleken van luteale fase ondersteuning in de natuurlijke cyclus*.

Oorzaken van cyclusstoornissen

Er zijn verschillende oorzaken van cyclusstoornissen te onderscheiden. Het probleem kan liggen in de hormoonprocuderende kernen in de hersenen; de hypothalamus of de hypofyse. Bijvoorbeeld bij stress of anorexia. Of de eierstok werkt niet goed, bijvoorbeeld als de voorraad eicellen (bijna) op is. Het kan ook zijn dat de communicatie tussen hypofyse en eierstok niet goed werkt zoals bij het PCO-syndroom. Ook oorzaken buiten deze hormoonas, zoals schildklierafwijkingen en hoog prolactinegehalte maar ook overgewicht kunnen zorgen voor een uitblijvende of onregelmatige cyclus.

Onderzoek- en behandelmogelijkheden

Als je cyclus nooit twee keer even lang is, altijd korter of langer dan normaal, dan is het verstandig om een afspraak te maken bij je huisarts. Als blijkt dat je geen of nauwelijks ovulaties hebt, is er weinig kans op een spontane zwangerschap. Je hoeft dan geen jaar te wachten op een doorverwijzing naar een gynaecoloog voor nader onderzoek en een eventuele vruchtbaarheidsbehandeling. De gynaecoloog zal dan een Oriënterend Fertiliteits Onderzoek (OFO) opstarten, door middel van een echo en aanvullend bloedonderzoek naar hormonale factoren.

Tekst herzien door dr. M. Verberg, gynaecoloog, maart 2018

Wil je meer lezen?

 

* Practice Committee of the American Society for Reproductive Medicine. The clinical relevance of luteal phase deficiency: a committee opinion. Fertil Steril. 2012;98(5):1112–7