“Er zijn geen zaadcellen gevonden”.
Bam! Nog voor we goed en wel de fertiliteitszorg binnen waren gestapt, werd de deur voor onze neus dichtgesmeten. Gevoelsmatig dan.
Geen enkele zaadcel? Van al die miljoenen?
Eerlijk is eerlijk, hoewel we sterk het gevoel hadden dat er iets niet goed zat, hadden we deze niet aan zien komen. Dat komt toch bijna niet voor? Meestal is er toch nog wel íets?
In het kort: azoöspermie (afwezigheid van zaadcellen in het ejaculaat) komt naar schatting voor bij 1% van de mannen en 10-15% van de mannen met een vruchtbaarheidsprobleem. In de meeste gevallen is er, zoals ook bij ons, sprake van een aanmaakstoornis (niet-obstructieve azoöspermie).
Ook de omgeving kon maar moeilijk geloven dat wij in de huidige tijd ‘waarin ze zoveel kunnen’ niet geholpen konden worden. “Maar kunnen jullie dan niet gewoon IVF doen?”. Tja, zonder zaadcellen wordt dat toch knap lastig.
En zo werd het opstappunt van de medische-malle-molen-trein ook meteen ons eindstation. Of toch niet? Betekende geen genetisch kindje van ons sámen ook dat wij samen geen kindje meer zouden krijgen? Toen de grote donkere wolken die zich boven ons hadden samengepakt weer een klein beetje licht begonnen door te laten, ontstond er langzaam ruimte om op een andere manier naar de toekomst te kijken. Het was mijn vriend die als eerste aangaf voor donorschap te willen gaan. Ikzelf had wat meer tijd nodig. Dat vond ik best wel gek eigenlijk, want ging het niet om zijn genetisch ouderschap? Maar voor alle vruchtbaarheidsproblemen, ongeacht de oorzaak, geldt dat je die samen hebt. Het verdriet is er samen en de impact is voor beiden. En in dit geval zelfs vooral voor een mogelijk toekomstig kindje, iets wat ons beiden ook op die manier raakt.
Toch richtten vragen aan mij zich vaak op de impact op mijn vriend. “Hoe is dat dan voor hem? Kan hij hier wel mee omgaan?”. En ook de opmerkingen van mannen onderling logen er niet om: “Was geen kinderen niet een (betere?) optie? Het is toch wel ontzettend mooi het gevoel te hebben dat je kindje ‘echt’ van jou is”.
Laat ik vooropstellen dat we niemand hierin iets kwalijk nemen. Onze situatie is nu eenmaal niet de norm. Het heeft ons erg geholpen ons te focussen op onze eigen weg en op de manier hoe wij hiermee om kunnen gaan.
En zo ging er een nieuwe deur voor ons open. Een onbekende, wat onwennige, maar tegelijkertijd ook al weer steeds normalere wereld. Waarin we kennis maakten met de commerciële spermabanken, gelikte folders met de mooiste mensen, kortingscodes en online bestellingen met een kinderwagen als winkelmandje. Ik heb er tranen om gehuild, maar ook tranen om gelachen. Uiteindelijk konden we hier ook weer een stukje regie terugpakken.
Met een goed gevulde vriezer en goede uitslagen van de laatste onderzoeken bij mij, was het wachten op het (post eerste coronagolf) startsein voor IUI met donorzaad in de natuurlijke cyclus. En die kwam gelukkig vrij snel.
Inmiddels ben ik zwanger geraakt met behulp van IUI. En daar is geen spuit of andere hormoontoediening aan te pas gekomen. Gek genoeg voelt het weleens als een minder echt vruchtbaarheidstraject. De impact van IVF/ICSI die ik zie raakt me, en soms ben ik opgelucht dat ons dat bespaard is gebleven. Maar is dat tegelijkertijd ook niet wat ik aan de start zo graag had gewild?
We zijn ontzettend dankbaar dat wij op deze manier invulling mogen gaan geven aan het ouderschap en ons gezin. En hoewel de blijdschap overheerst, is er op momenten ook nog verdriet. Of een klein steekje van jaloezie bij een (spontane) zwangerschapsaankondiging. Of een pijnlijk moment wanneer het boek ‘Ik word papa’ dat we cadeau kregen, begint met een borstklopmoment voor ‘je snelste zwemmer’. We hebben besloten dat al deze gevoelens naast elkaar mogen bestaan en we ruimte aan beide kanten geven. Zo komen we samen steeds een stapje verder en gaan we met het volste vertrouwen de toekomst tegemoet.
Sarah



Beste Sarah,
Wat ongelooflijk dapper van jullie dat jullie dit traject toch op deze manier door hebben gezet!
En heel erg fijn dat het uiteindelijk toch is gelukt. Niet op de manier waarop jullie het het liefst hadden gezien, maar er was een mogelijkheid.
Ik ben zelf al meer dan anderhalf jaar bezig. Eerst een donor vinden, daarna een heel traject in en omdat mijn hypofyse niet werkt, zou ik ondanks dat wel met behulp van hormonen kinderen kunnen krijgen. De arts zei al…als het goed is, is de kans op zwangerschap heel groot. 2 weken geleden een follikelreductie gedaan omdat er 20 eiblaasjes in zaten. 1 grote hebben ze laten zitten. Gisteren belde de arts mij op. Mijn wereld veranderde per direct toen ze zei dat ze in die 20 eiblaasjes geen enkel eitje hebben kunnen vinden. Dus voor mij was het eigenlijk al meteen duidelijk…ik zal ws nooit kinderen kunnen krijgen…ik leef met jullie mee. Begrijp jullie frustratie….Maar toch heel fijn dat het op een andere manier wel is gelukt.
Heel veel geluk samen!!
Groetjes
M.A.M.J