T4life studie: Herhaalde miskramen en schildklier antistoffen

Bij vrouwen met herhaalde miskramen in de voorgeschiedenis en antistoffen tegen de schildklier, geeft het toedienen van schildklierhormoon geen betere uitkomsten.

Achtergrond

Vrouwen met antistoffen tegen de schildklier (schildklier auto-immuniteit) hebben een grotere kans op herhaalde miskramen. Ook wanneer de schildklier verder normaal werkt. Het was onbekend of toediening van schildklierhormoon voorafgaand aan, en gedurende de zwangerschap, de kans op een levendgeboren kind vergroot. In deze studie is daar onderzoek naar gedaan.

Onderzoek

In de T4life studie is behandeling met schildklierhormoon vergeleken met een nepmedicijn (placebo). Aan deze studie deden vrouwen mee met een kinderwens, die twee of meer miskramen in de voorgeschiedenis hadden en antistoffen tegen de schildklier hebben. Deze vrouwen werden geloot voor een behandeling met schildklierhormoon of met het nepmedicijn. De belangrijkste uitkomst was een levendgeboren kind na 24 weken zwangerschapsduur.

Resultaten

187 vrouwen namen deel aan de studie in ziekenhuizen in Nederland, België en Kopenhagen
Het aantal levendgeborenen in de schildklierhormoongroep was 50% (47/94), in de placebogroep 48% (45/93). Dit betekent dat er geen verschil was in het aantal levendgeborenen tussen beide groepen. Ook het aantal miskramen verschilde niet tussen beide groepen. Er werden geen ernstige bijwerkingen van schildklierhormoon waargenomen.

Het gehele onderzoek is hier te lezen.