Wat zeg je, als babypraat pijn doet?

Een tijdje geleden werkte Freya mee aan een artikel in JAN Magazine: ‘Wat zeg je? Als babypraat pijn doet?’. In het artikel worden tips gegeven hoe de omgeving om kan gaan met baby’s en zwangerschappen waarbij tegelijkertijd ruimte en begrip is voor de ander, bij wie de kinderwens (nog) niet is vervuld. Met toestemming van JAN Magazine mogen we het artikel delen:

 Wat zeg je?

Als babypraat pijn doet.

Tekst: Suzanne Rethans voor JAN Magazine
 
Eén op de zes stellen raakt niet spontaan zwanger en in elke schoolklas zit minimaal één IVF- of ICSI-kind. Kortom: grote kans dat je iemand kent voor wie zwangerschap een beladen onderwerp is. Handle with care dus, maar hoe precies?
 
1.     Verzwijgen of vragen
Er zijn mensen die makkelijk over hun vruchtbaarheidsperikelen praten en er zijn mensen die het alleen met goede vrienden bespreken. En dan nog ligt het aan het moment. Zijn ze hoopvol gestemd, of is alle hoop net weggeslagen? Als goedbedoelende omstander kun je niet ruiken waar in dat spectrum het stel zich bevindt. Moet je niks zeggen en wachten tot de ander erover begint? Of staat dat ongeïnteresseerd? ‘Een mooie opening is: “Wil je erover praten?”’ zegt Marjolein Grömminger van Freya, de vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen. ‘Je geeft aan dat je betrokken bent en geeft alle ruimte om te zeggen: “Nu even niet.”’
 
2.     Heikele momenten
De feestdagen zijn berucht. Niet alleen thuis of bij familie, maar ook op het werk. Marjolein: ‘Mensen die je alleen zakelijk kent, nemen hun kinderen mee naar de sinterklaasviering. Wat die confrontatie met je doet, kun je niet voorspellen.’ Verder: zwangerschappen, geboortekaartjes, het uitzoeken van een kraamcadeautje. ‘Sta je daar met zo’n rompertje in je hand. Je wilt het iedereen graag gunnen, maar soms ben je gewoon hartstikke jaloers.’
 
3.     Zelf zwanger
Daarom is het ook zo lastig om je vriendin of zus die al jaren aan het modderen is te vertellen dat je zwanger bent. Marjolein: ‘Wacht niet tot ze er niet meer omheen kan of het via een ander hoort. Zorg voor een goed moment en kondig het niet aan op een familiefeest. Op zo’n feest kan ze niet anders dan blij doen, terwijl ze geconfronteerd wordt met verdriet en gemis. Geef haar de ruimte om haar gevoelens te tonen.’
 
4.     Niet zeggen
Hoe goedbedoeld ook, iemand met een onvervulde kinderwens is niet geholpen met de volgende klassiekers:
‘Is een hond niets voor jullie?’
‘Ga op vakantie, kom je vast zwanger terug.’
‘Je moet er niet zo mee bezig zijn.’
‘Aan wie ligt het?’
Ook kent iedereen wel een opbeurend verhaal over een nicht van de buurvrouw, die nadat ze uitbehandeld was tóch nog zwanger raakte. Marjolein: ‘Het komt voor, maar het gebeurt vele malen vaker dat mensen kinderloos blijven. Het is begrijpelijk dat je wilt helpen, maar er is niets wat je kunt zeggen wat het kinderloze paar niet al heeft bedacht. Het ligt ook aan de diagnose. Als je verstopte eileiders hebt, geen eisprong of een extreem slechte zaadkwaliteit, kun je op vakantie gaan wat je wilt, maar dan gaat het echt niet lukken. Het enige wat je kunt vragen is: “Wat zijn voor jullie de opties?”’
 
5.     Niet doen
Het paar in kwestie uit voorzorg niet uitnodigen voor kinderfeestjes, omdat je denkt dat het een pijnlijke aangelegenheid voor ze is. Marjolein: ‘Je moet sowieso niet invullen. Je kunt beter zeggen: “Mocht het niet uitkomen, dan begrijp ik dat.” Zo kun je ook gewoon een geboortekaartje sturen. Wel is het aardig om er een handgeschreven briefje bij te doen. Komt ze op kraambezoek, geef dan niet zomaar de baby in handen, maar vraag eerst of ze de baby wil vasthouden. En zeg vervolgens niet: “Staat je goed.”’

Wil je meer lezen?