Resultaten LIFEstyle-studie (geeft begeleide gewichtsreductie een hogere zwangerschapskans?)

weegschaal

Op 19 mei 2016 zijn de resultaten van de LIFEstyle-studie verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift The New England Journal of Medicine. In de LIFEstyle-studie werd onderzoek gedaan naar de invloed van leefstijlbegeleiding gericht op gewichtsreductie op de kans op zwangerschap bij vrouwen met overgewicht en subfertiliteit. De LIFEstyle-studie startte in 2009 onder leiding van gynaecoloog dr. Annemieke Hoek, binnen Consortium 2.0. van de Nederlandse Vereniging van Obstetrie en Gynaecologie. Drieëntwintig ziekenhuizen in heel Nederland deden mee. Promovendi Meike Mutsaerts en Anne van Oers begeleidden de studie vanuit het UMCG. Een samenvatting van de resultaten vindt u hieronder.

Ernstig overgewicht (BMI >29) bij vrouwen leidt tot een hogere kans op een verminderde vruchtbaarheid (subfertiliteit), lagere kansen op zwangerschap met behulp van fertiliteitsbehandelingen en hogere kansen op complicaties tijdens de zwangerschap. Uit onderzoeken bleek dat leefstijlbegeleiding, bij vrouwen met overgewicht en subfertiliteit gericht op gewichtsreductie, een hogere kans op een natuurlijke zwangerschap gaf. Echter deze studies waren klein, nooit vergeleken met direct starten met vruchtbaarheidsbehandelingen en het was tot op heden onduidelijk of leefstijlbegeleiding bij deze groep vrouwen de kans op een gezond kind zou verhogen.

In het LIFEstyle-onderzoek kreeg de helft van deelnemers een leefstijlbegeleiding aangeboden voor een periode van een half jaar. Deze leefstijlbegeleiding werd uitgevoerd door getrainde verpleegkundigen. Ze coachten de vrouwen en adviseerden hen over hoe ze gezonde voeding met minder calorieën konden samenstellen. De vrouwen vulden zelf de online Eetmeter van het Voedingscentrum in en hielden met behulp van een stappenteller hun bewegingspatroon bij. Het doel van de leefstijlbegeleiding was om vrouwen tenminste 5% van hun gewicht af te laten vallen. Na de leefstijlbegeleiding kregen de deelnemers fertiliteitsbehandelingen aangeboden. Bereikten de deelnemers hun streefgewicht eerder, dan mochten ze ook eerder beginnen met een vruchtbaarheidsbehandeling.  De andere helft van de vrouwen (controlegroep) kreeg direct fertiliteitsbehandelingen aangeboden. De duur van de follow-up van de deelnemers bedroeg 24 maanden. De uitkomst was een gezond levend geboren kind (van meer dan 37 weken) dat na een normale bevalling werd geboren.

Resultaten (zie ook tabel).

In totaal deden 577 vrouwen mee aan het onderzoek; 290 werden geloot in de leefstijlbegeleiding groep en 287 werden geloot in de controlegroep van de studie. De leefstijlbegeleiding zorgde ervoor dat de vrouwen gemiddeld 4,4 kilo afvielen in maximaal 6 maanden; 38% van de vrouwen in de leefstijlbegeleidinggroep bereikten het streefgewicht van 5% gewichtsreductie. In de groep vrouwen met standaard zorg zonder leefstijlbegeleiding was het gemiddelde gewichtsverlies één kilo en haalde niemand 5% gewichtsverlies. Ondanks het verschil in gewichtsverlies tussen de twee groepen vrouwen blijkt uit het onderzoek dat de kans op een gezond geboren kind binnen 24 maanden niet verhoogd was voor de leefstijlbegeleidinggroep. Binnen 24 maanden had 27% van de vrouwen in de leefstijlbegeleidinggroep en 35% in de controlegroep een kind.  Uiteindelijk kregen net zoveel vrouwen een kind, indien alle zwangerschappen ontstaan binnen 24 maanden (maar met een bevalling ook daarna) werden vergeleken: 53% in de leefstijlbegeleidinggroep en 58% in de controlegroep. Het percentage natuurlijke zwangerschappen in de groep deelnemers vrouwen die leefstijlbegeleiding kregen was hoger: 26% versus 16% in de controlegroep.

Het onderzoek laat zien dat 78% van de vrouwen met ernstig overgewicht en een onvervulde kinderwens leefstijlbegeleiding goed kan doorlopen en dat hun kans op zwangerschap gelijk is aan de kans bij vrouwen die direct aan een vruchtbaarheidsbehandeling beginnen. Ondanks intensieve begeleiding, werd de leefstijlbegeleiding van 6 maanden door 22% van de vrouwen niet afgemaakt, en deze groep vrouwen bleek een lagere kans op zwangerschap te hebben. De vrouwen die de leefstijlbegeleiding hadden geloot, hadden meer natuurlijke zwangerschappen dan de vrouwen die geloot hadden voor direct een vruchtbaarheidsbehandeling. Hierdoor zijn er na leefstijlbegeleiding minder vruchtbaarheidsbehandelingen nodig. Er was geen verschil in zwangerschapscomplicaties en in uitkomsten van de kinderen in beide groepen.

Conclusie: uit de LIFEstyle-studie blijkt dat leefstijlbegeleiding gericht op gewichtsreductie voorafgaande aan fertiliteitsbehandelingen de kans op een gezond levend geboren kind niet verhoogt. De kans op een natuurlijke zwangerschap neemt wel toe met leefstijlbegeleiding.

Als vervolgstap gaat onderzocht worden of er betere interventies kunnen worden ontwikkeld, die aansluiten bij de wensen van vrouwen waarvoor de leefstijlbegeleiding te zwaar of niet aantrekkelijk is. Verder start een studie naar de gezondheid op langere termijn van de deelnemende vrouwen en kinderen uit de LIFEstyle-studie; dit gebeurt o.l.v. professor T.J. Roseboom van het AMC in samenwerking met de onderzoekers van het UMCG en het VUMC.

Totaal aantal vrouwen in de studie 577 Leefstijlbegeleiding daarna fertiliteitsbehandeling Standaard fertiliteitsbehandeling Verschil:

Ja/ Nee

 

Loting 290 patiënten 287 patiënten Geen verschil
Afgevallen na 6 maanden in Kg 4.4 kg 1.1 kg Voordeel voor leefstijlprogramma
Percentage vrouwen die het leefstijlprogramma afmaakte 78%
Vrouwen met gezond kind na 37 weken d.m.v. vaginale bevalling binnen 24 maanden na loting 27% 35% Voordeel voor standaard fertiliteitsbehandeling
Vrouwen met kinderen  geboren ook na de studieperiode van 2 jaar 53% 58% Geen verschil
Spontane zwangerschappen zonder behandeling 26% 16% Voordeel voor de leefstijlprogramma

 

Geef een reactie