Door prof. Joyce Harper
Het darmmicrobioom beschrijft het enorme ecosysteem van organismen bestaande uit tientallen biljoenen bacteriën, gisten, schimmels, virussen en protozoa, die in onze darmen leven. We kunnen van 100-1000 bacteriesoorten in onze darmen hebben en ongeveer een derde daarvan komt voor bij de meeste mensen, maar de rest is specifiek voor elk individu.
Je darmen hebben vezels nodig
Darmbacteriën zijn verantwoordelijk voor het onttrekken van een deel van de voedingsstoffen uit ons voedsel en produceren een reeks van enzymen, chemicaliën, hormonen en vitamines. Vezels zijn essentieel voor darmbacteriën omdat door gisting van voedingsvezels vetzuren met een korte keten ontstaan, waardoor de insulinegevoeligheid en vetzuuroxidatie verbeteren.
Er wordt veel onderzoek op dit gebied gedaan, omdat er aanwijzingen zijn dat darmbacteriën bijdragende factoren kunnen zijn voor een groeiend aantal ziekten, waaronder psychische problemen, broosheid, veranderde immuunfunctie, ontsteking, gewrichtspijn, artrose, allergieën, Alzheimer en dementie. Goede darmbacteriën kunnen helpen de neurotransmitteractiviteit te beheersen, waardoor ze natuurlijke antidepressiva zijn die onze geestelijke gezondheid kunnen helpen. Er wordt ook gedacht dat ons microbioom ons gewicht, onze eetlust en ons metabolisme kan beïnvloeden.
Studies naar invloed op darmmicrobioom
Wetenschappelijke gegevens suggereren dat hoe diverser onze darmbacteriën zijn, hoe beter het is voor onze gezondheid en ons welzijn. Onze voeding, levensstijl, onze fitheid, het gebruik van medicijnen / antibiotica en onze omgeving hebben allemaal invloed op ons microbioom. Mensen die in hetzelfde huis wonen hebben de neiging om een soortgelijk microbioom te delen en sporen van onze darmbacteriën kunnen van de ene persoon naar de andere in de lucht worden overgedragen. Antibiotica zijn erg slecht voor onze darmbacteriën omdat ze zowel de goede bacteriën als de slechte bacteriën doden en zo de diversiteit van onze darmbacteriën verminderen. Een sterielere omgeving vermindert de bacteriën waaraan we worden blootgesteld en kan een negatieve invloed hebben op onze gezondheid.
Ontstaan en verandering darmmicrobioom
Ons darmmicrobioom is ontwikkeld vanaf de geboorte tot de leeftijd van 2. Dit wordt gestart als de baby door het geboortekanaal reist (gegevens suggereren dat de baby’s darmbacteriën nadelig worden beïnvloed door een keizersnede omdat ze natuurlijke inenting missen) en gaat door met het geven van borstvoeding. Moedermelk bevat zowel probiotica (bacteriën geassocieerd met een gezonde darm) als prebiotica (complexe koolhydraten die mensen niet kunnen verteren, maar waarin probiotica gedijen).
Maar ons darmmicrobioom verandert ons hele leven, afhankelijk van onze levensstijl en ons dieet. Als we gestrest raken, niet sporten, slecht eten of te veel antibiotica nemen, kunnen we ons microbioom negatief beïnvloeden.
Weet wat je eet
Een eenvoudige manier om een gevarieerde populatie van darmbacteriën te houden, is door een gevarieerd dieet te eten. Ons dieet moet vol zijn met een verscheidenheid aan verse hele groenten en fruit en voedingsmiddelen met veel antioxidanten, en er is enige suggestie dat het eten van gefermenteerd voedsel zoals zuurkool kan helpen. Prebiotica worden aangetroffen in veel onverwerkte groenten en fruit, waaronder linzen, asperges en aardperen. Probiotica worden aangetroffen in yoghurt, kombucha, kefir, gefermenteerd voedsel en gekweekte groenten.
We moeten ons houden aan voedingsrichtlijnen voor onze inname van verwerkte suiker en granen, gepasteuriseerde zuivelproducten, voedingsmiddelen rijk aan slechte cholesterol, trans- en gehydrogeneerde vetten en we zouden geen vruchten mogen persen (zie hieronder) maar de hele vrucht opeten. Naarmate we ouder worden, verminderen we vaak de variëteit van ons voedsel en dit vermindert de diversiteit van onze darmbacteriën.
Dikker door meer calorieën?
De mening dat calorie-inname rechtstreeks verband houdt met ons gewicht, wordt betwist, omdat er aanwijzingen zijn dat onze darmbacteriën de calorieën die we uit ons voedsel opnemen kunnen beïnvloeden. Er is gesuggereerd dat hoe diverser de populatie darmbacteriën is, hoe minder kans we hebben om obesitas te hebben. Studies hebben aangetoond dat wanneer we fecaal materiaal (poep) van zwaarlijvige mensen transplanteren in slanke muizen, de muizen zwaarlijvig worden. Deze studie wordt nu ook bij mensen gedaan.
Er zijn suggesties dat bacteriën geassocieerd worden met slank zijn en obesitas. De gewone Lactobacillus reuteri verhoogt het niveau van leptine, een hormoon dat je een vol gevoel geeft, terwijl je het hongerhormoon ghreline verlaagt.
Er is een enorm debat over het gebruik van supplementen en levende bacteriën om ons microbioom te verbeteren. Er zijn aanwijzingen dat probiotica kunnen helpen bij de behandeling van bepaalde ziekten zoals IBS (prikkelbare darm sydroom), maar er is geen bewijs dat het nemen van probiotische supplementen bij gezonde mensen onze gezondheid zal verbeteren. Sommige studies suggereren dat yoghurt met levende bacteriën nutteloos is voor de meerderheid van gezonde mensen en dat sommige zelfs geen levende bacteriën bevatten. Zoals bij alle supplementen, volgen niet alle fabrikanten van probiotica de relevante richtlijnen en bevatten ze misschien niet wat er op het etiket staat.
Hopelijk weten we op een dag welke bacteriën nodig zijn om een gezonde darm te behouden. Maar naar mijn mening weten we momenteel niet voldoende om conclusies te trekken, omdat het darmmicrobioom zeer complex is en we het mechanisme van probiotica niet begrijpen. Ik zou aanraden om een gezond en gevarieerd dieet te eten, fysiek en mentaal gezond te blijven en niet te fanatiek bezig te zijn met het verwijderen van bacteriën uit je omgeving.
Verantwoording:
Dit artikel is geschreven door professor Joyce Harper* en gecontroleerd en aangepast door professor Paul O’Toole** en werd hier gepubliceerd. Met toestemming vertaald voor Freya door José Knijnenburg.
Vraag aan Joyce over vruchtbaarheid
José: “Interessant artikel Joyce Harper, bedankt. Ik vraag me af of er iets specifieks aan de relatie tussen voeding en vruchtbaarheid zou kunnen worden toegevoegd?”
Joyce Harper: “Ik wou dat we het antwoord daarop wisten. We weten hoe belangrijk onze preconceptie-gezondheid is voor de gezondheid van onze kinderen. Mijn advies is om gezond te eten. Sport. Kom tot rust. Stop met roken. Serieus bezuinigen op alcohol.”
*Joyce Harper is hoogleraar Humane Genetica en Embryologie aan het Institute for Women’s Health, University College London, waar zij leiding geeft aan de afdeling Reproductieve Gezondheid en leiding geeft aan de Embryology, IVF en Reproductive Genetics Group. Ze is directeur van de Embryology and PGD Academy en Global Women Connected.
** Paul O’Toole is hoogleraar Microbiële Genomica at University College Cork, Ireland. Zijn belangrijkste onderzoeksthema is de genomica van gastro-intestinale bacteriën bij mensen.


